post

Information Overload? Vertrouw op curatie door je sociale netwerk

Information-overload

De afgelopen jaren is er veel te doen geweest over het nieuwe probleem van de informatiemaatschappij: ‘information overload’. Met duizenden tweets per seconde en 24 uur nieuwe video per minuut op YouTube staat één ding vast: het is onmogelijk alles wat gepost wordt te lezen en te bekijken. Maar wat is relevant voor jou? Wat mag je niet missen?

Het sociale web vraagt dagelijks steeds meer tijd van ons; leidt het allemaal niet té veel af? Of is het juist een hele krachtige aanvulling op onze beperkte mogelijkheid real-time contact te onderhouden met alle vrienden en professionals waar we een relatie mee onderhouden?

Nick Bilton, auteur van ‘I Live in the Future & Here’s How It Works’ stelt dat juist onze sociale netwerken, hij noemt dat ons ‘Anchor Network’, ons behoeden voor information overload.

Curatie door je ‘Anchor Network’

Nick Bilton startte zijn carrière bij het R&D lab van de New York Times en werkt als docent aan de New York University. Zijn werk richt zich op het onderzoeken van de ontwikkeling van mediaconsumptie. Voor de New York Times is de belangrijkste vraag hoe de lezer van de krant behouden kan blijven als betalende klant van een nieuwsproduct in één of andere vorm. Daartoe verdiepte Bilton zich in de toegevoegde waarde die consumenten zoeken. Dat is niet langer (alleen) de inhoud of de kwaliteit daarvan maar eerder de relevantie.

Welke-richting

Het woord dat Bilton gebruikt voor de selectie van relevante en kwalitatief goede informatie is ‘curatie’. Dit woord wordt onder andere gebruikt in de museumwereld voor de samenstelling van een collectie objecten die qua samenhang en kwaliteit bijzonder zijn. Hij stelt ook vast dat die curatiefunctie eigenlijk al ingevuld is door ons netwerk van vrienden en collega professionals. Op sociale netwerken als Facebook en Twitter, maar ook in je blogroll heb je vrienden, experts en interessante bloggers geselecteerd die je relevant acht voor jouw interesses. Zij vormen op die manier een filter voor jou, ze cureren de inhoud die ze zelf tegenkomen en delen alleen dat wat ze relevant en waardevol achten. Kortom, ze filteren de informatie die ze waardig genoeg vinden voor jouw aandacht. Bilton schrijft dat sinds hij zich dat realiseerde hij niet langer bezorgd is dat hij belangrijke informatie mist. Hij weet dat zijn zorgvuldig samengestelde ‘Anchor Network’ er altijd voor zorgt dat belangrijk nieuws hem bereikt.

Wiens curator ben jij?

De elegantie van de door Bilton geschetste constructie is dat de stortvloed aan informatie die we gezamenlijk voor elkaar produceren op eenzelfde manier wordt beteugeld: gezamenlijk. Deze post bijvoorbeeld beoogt jou als lezer een in mijn ogen interessant idee voor te houden. Je hoort of leest wel eens vaker wat, maar dit concept spreekt me echt aan. Ik ben daardoor ook anders naar mijn sociale netwerken gaan kijken en geef ze steeds meer vorm als mijn persoonlijke filter. Welke twitteraars bieden mij interessante inzichten of verwijzen er naar? Welke blogs bevatten regelmatig interessante posts? Met nieuwe follows en unfollows, toevoegingen of deletes in je RSS feeds geef je jouw curatieteam vorm. En zij doen dat op hun beurt wellicht met behulp van jouw tweets of posts.

De leraar als anker voor de leerling

Ik vraag me af of Biltons suggestie ook bruikbaar is in de onderwijs situatie. Informatie is er in overvloed, op slechts één ‘Google search afstand’. De vraag is vooral: wat daarvan is waardevol, relevant (in jouw onderwijs) of zelfs correct? Is een leraar in deze tijd eigenlijk ook niet vooral een curator? In eerste instantie door leerlingen te wijzen op relevante te bestuderen bronnen. Maar voorbij die curatie ook vooral om de leerling te leren zelf het onderscheid te maken tussen relevante informatie en loze bladvulling. Ik denk dat het de leraar opnieuw in zijn kracht zou kunnen zetten. Leerlingen zijn misschien heel vaardig en snel met het toetsenbord en elk device dat er één bevat, al dan niet virtueel. Maar de vaardigheid uit alle gevonden data de informatie te selecteren die ertoe doet, dat vraagt training en is in onze kenniseconomie één van de meest waardevolle competenties.

Hoe zit het met u? Heeft u al een ‘Anchor Network’ waarop u kunt vertrouwen? Ziet u relevantie voor het concept in het onderwijs? Ik ben erg benieuwd naar uw inzichten en lees ze graag in de reacties onder dit bericht.

Mike (Februari/2012)

[N.B. Deze post is ook gepubliceerd op de innovatieblog van Kennisnet, waar ik werkzaam ben als Manager van de afdeling Innovatie.]

post

James Gleick’s “the Information”: a History, a Theory, a Flood

James-gleickEen boek over informatie van een gerenommeerd schrijver, journalist en biograaf die zich bezighoudt met de culturele impact van wetenschap en technologie. Niet je standaard vakantielectuur (dan lees ik nog wel eens iets langer dan 2 A4) maar het sprak me toch wel aan. Het gaat tenslotte om de grondstof van ons tijdperk. Het bleek inderdaad een pittig boek met een zeer uitputtend overzicht van de geschiedenis van informatie, van haar conceptie tot de vermeende overload van onze tijd.

Van Plato en Socrates naar Charles Babbage en Lady Lovelace
Ada-lovelace-and-a-trial-model-of-a-part-of-charles-babbages-analytical-engine
Gleick begint bij de griekse filosofen die definities bedachten voor zaken als denken, kennis, wijsheid en betekenis, het woord informatie bestond toen nog lang niet. Fast forward naar de 19e eeuw en Charles Babbage met zijn Difference Engine die tot doel had arbeidsintensieve rekentabellen automastisch te produceren. In een uitgebreide beschrijving van Babbage’s dromen, obstakels en prestaties schetst Gleick op een onderhoudende manier de relatie tussen Babbage en Ada Byron-Lovelace. ‘s-Werelds eerste programmeur was inderdaad de dochter van de dichter Lord Byron, die bovendien een machine programmeerde die Babbage nooit heeft kunnen bouwen, zijn Analytical Machine. Deze mechanische programmeerbare computer vergde meer dan de mechanische technologie van die tijd kon bieden. Ook al had Babbage een eigen smid in dienst die zich bekwaamd had in het produceren van zeer nauwkeurige tandwielen, veren en andere onderdelen van Babbage’s ontwerpen.

Shannon en Turing, grondleggers van de informatiemaatschappij

Gleick beschrijft ook uitgebreid hoe Claude Shannon als getalenteerd wiskunde het fundament heeft gelegd voor informatie theorie in zijn “Mathematical Theory for Communication” van 1948. Dit deed hij bijvoorbeeld door aan te tonen dat er geen perfecte talen bestaan waarin alles correct uit te drukken is. Mijn favoriete voorbeeld: “dit is het grootste getal dat niet in zevenenveertig lettergrepen is uit te drukken”, terwijl dit statement zelf minder dan 47 lettergrepen beslaat.

Tijdgenoot Alan Turing toonde met zijn Turing machine aan dat zijn simpelste machine elke complexe computer kan simuleren waardoor bewijsvoering rond computertheorie een vlucht kon nemen. Tot op de dag van vandaag vormt hun werk een belangrijk fundament van theoretische informatica zoals dat nu in academische informatica opleidingen wordt gedoceerd.

Homo Sapiens slechts vervoermiddel voor experimenteel DNA

Het boek test wel je geduld met lange hoofdstukken over DNA als informatiefundament voor mensen. Hoewel ik moet toegeven dat Gleick beschrijving van Stephen Hawkins theorieën me zeer amuseerden. Met name Hawkins bewering dat wij als mensen slechts biologische vervoermiddelen zijn waarin ons DNA uittest welke van haar versies de beste overlevingskansen heeft en dus verder gekopieerd zou moeten worden (lees nakomelingen zou moeten kennen). Dit verklaart voor mij de onlogische voorkeur van ouders voor het overleven van hun nakomelingen (de DNA kopie) ten koste van hun eigen veiligheid. Het DNA moet worden doorgegeven, de rest is onbelangrijk…

Quantum Computing: inherent veilig

Ook het hoofdstuk over quantum mechanica testte mijn geduld en vooral mijn bevattingsvermogen. Daarin geeft Gleick even een samenvatting van wat Einstein en zijn tijdgenoten hebben bedacht en welke consequenties dit heeft voor informatie theorie. Een zeer interessante consequentie die hij daar beschrijft is dat een quantum computer, als het ons eenmaal lukt die te bouwen, door de aard van de technologie per definitie niet beinvloed kan worden. Het aftappen of kopieren van informatie in zo´n quantum computer verandert die informatie, je kunt dus altijd meten of een kopie gemaakt is van informatie. Een aantrekkelijk perspectief in een tijd waarin hacks en beveiligingsincidenten aan de orde van de dag zijn.

Het logisch systeem onder dit soort computers is overigens zo geheel anders dan onze huidige electrische binaire (0-1) computers dat het m.i. nog wel even duurt voordat we dit concept grootschalig kunnen toepassen.

Praktische conclusies

Zijn conclusies na een zeer uitvoerige reis langs de geschiedenis van informatie theorie zijn gelukkig een stuk praktischer en bijna kort van stof:

  • Het gevoel van informatie overload treed op bij iedere paradigma shift. Toen we van het handschrift naar de boekdrukkunst gingen werden we verlost van het elkaar moeten vertellen wat de kostbare en schaarse geschriften bevatten. De boekdrukkunst bood ons een exacte kopie voor eenieder, maar hoe de gewenste informatie te vinden in al die boeken? En nu digitalisatie, alle informatie doorzoekbaar en beschikbaar, maar welke informatie heeft betekenis (voor jou)? Elk paradgima biedt oplossingen voor de problemen van de vorige, en introduceert eigen nieuwe problemen;
  • De oplossingen voor de problemen van elk paradigma bevat twee constante factoren: filteren en zoeken, waarbij vertrouwen en smaak altijd de kern vormt.

Een vraag in ons digitale tijdperk is wie ons helpt zoeken en filteren? Google? Facebook? Of je netwerk van vrienden op de diverse sociale platforms?

Mike (Januari/2012)

 

post

Steven Levy: In the Plex, How Google Thinks, Works and Shapes Our Lives

Steven-levy

Senior Wired schrijver Steven Levy heeft met ‘In The Plex, How Google Thinks, Works and Shapes Our Lives’ een zeer interessant boek geschreven over Google. Doordat hij als onafhankelijk schrijver toch het vertrouwen kreeg om veel mensen binnen Google uitgebreid te spreken vertelt hij een boeiend en enthousiasmerend verhaal van binnenuit een bijzondere organisatie, en neemt daarbij geen blad voor de mond. Naast het feit dat Google als werkwoord wereldwijd bekend is geraakt is de organisatie zelf ook uniek in een aantal dingen die Levy met duidelijk plezier beschrijft.

Een paar voorbeelden die mij aanspraken:
  • Google is bereid een radicale aanpak te volgen om doelen te bereiken, met 24.000 medewerkers probeert het zo wendbaar te blijven als een startup. Zo participeerde het bedrijf in de veiling van een mobiele operator frequentie die het niet wilde hebben. Dit pokerspelletje had als doel de prijs op te drijven tot het bedrag waarboven een bieder de frequentie moest kopen. Deze frequentie moest dan ook open worden aangeboden door de winnende provider, daarmee Google een basis biedend voor haar Android telefoons. Larry Page wilde eigenlijk verder bieden om de frequentie dan ook maar te kopen, Eric Schmidt (toen CEO van Google) wist hem daarvan te weerhouden. Maar een volgende keer?
  • Google en dan met name de ‘founders’ Larry Page en Sergey Brin hebben een voorkeur voor ‘Big, hairy and Audacious Goals’. Een voorbeeld? Google Books ambieert alle 130 miljoen bestaande papieren boeken op de wereld te scannen en online doorzoekbaar te maken. Public domain boeken (van voor 1930) zijn direct te lezen, beschermde werken kun je direct bestellen. Het zijn vaak projecten die niet realistisch of haalbaar lijken, het is tekenend voor de cultuur bij Google dat dit soort projectvoorstellen gewoon uitgevoerd worden. In dit voorbeeld heeft Google zelf speciale scanners ontwikkeld om snel genoeg boeken te kunnen scannen zonder het boek kapot te hoeven maken. Zo scant het hele bibliotheek collecties in enkele dagen om daarna alle boeken keurig en onbeschadigd terug te brengen. Dat gevestigde organisaties rond auteursrechten hier allerlei problemen mee hadden/hebben laat zich raden, dat stopt Google met z’n engineers echter geenzins om op basis van de ‘de data’ de in hun ogen logische stappen te zetten. En waarom zouden ‘s-werelds boeken niet voor iedereen vindbaar mogen zijn?
  • Google is in haar kern anti-management en anti-sales, Engineers zijn de belangrijkste mensen in de organisatie, de rest is er om hen het werken zo gemakkelijk mogelijk te maken. De Google cultuur wordt wel toegeschreven aan het feit dat zowel Larry Page als Sergey Brin beide montessori kinderen zijn die geleerd hebben overal en altijd vragen over te stellen en niet snel iets aan te nemen of als onmogelijk te accepteren. Deze cultuur, ook wel gekenschetst als ‘do first, apologize later’, maakt het mogelijk om risico’s te blijven (durven) nemen, de keerzijde is dat Google minder gevoel heeft bij privacy gerelateerde nuances. Ik ben erg benieuwd of de Google ‘learning machine’ zich ook op dat punt zal ontwikkelen.

Don’t be Evil?

DontBeEvil Met het zelfgekozen motto ‘Don’t be Evil’ wil Google zich bewust blijven van haar verantwoordelijkheid om met de ongekende hoeveelheden (persoonlijke) informatie die tot haar beschikking staan verantwoord om te gaan. Niet iedereen is de mening toegedaan dit hen dit altijd lukt…

Enkele saillante voorbeelden van omstreden activiteiten van Google:

  • Google in China
    Google’s besluit in China een gecensureerde versie van Google aan te bieden heeft veel discussie opgeroepen. De beslissing censuur te accepteren werd ingegeven door de overtuiging dat het uiteindelijk mogelijk zou worden steeds minder censuur toe te passen. Google pakte het probleem dat de overheid niet tevoren wilde zeggen wat niet toegestaan was ‘googly’ aan. Omdat google herhaaldelijk werd afgesloten als het ongewenste inhoud toonde ontwikkelde het een algoritme dat bij Chines sites (die wel richtlijnen kregen) checkte welke sites zij blokkeerden om te bepalen voor Google China wat wel en niet toegestaan zou zijn. Uiteindelijk besloot Google zich na jaren van hevige discussies weer terug te trekken uit China, de censuur bleek toe te nemen in plaats van te verminderen. Het China avontuur wordt wel eens neergezet als opportunistische poging om een enorme markt aan te boren. Maar Levy wijst op het feit dat Sergey Brin een kind is van Joodse vluchtelingen uit communistisch Rusland met grootouders die de Holocaust moesten doormaken. Hij was en is zich wel degelijk bewust van het dilemma: hoe help je China het beste: wegblijven en daarmee weigeren met het ondrukkende regime te onderhandelen of instappen en van binnenuit proberen vooruitgang te boeken?
  • Apple en Google
    De relatie tussen Apple en Google is ook een tumultueuze. Toen investeerders bij de jonge Larry en Sergey aandrongen op het aanstellen van een ervaren CEO om het snel groeiende Google te begeleiden was hun ideale kandidaat Steve Jobs! Maar met Apple in de wederopbouw en een hobby project genaamd Pixar had Steve zijn handen al vol. Hij is jarenlang als coach en vertrouweling van Larry en Sergey betrokken geweest bij de strategie van Google, en deelde zijn visie, strategie en ideeen over de toekomst van de mobiele markt. En toen releaste Google Android… Steve Jobs voelde zich verraden door Google toen het na jaren van nauwe samenwerking, met name ook met applicaties voor de iPhone, een eigen mobiel OS genaamd Android op de markt bracht inclusief de smartphones waarop het draait. Dit voorval is zowel kenmerkend voor de mentaliteit van Jobs als de brutaliteit van Google, als de laatste kansen ziet dan stappen ze erin. Je zou kunnen zeggen dat de meester zijn leerlingen goed opgeleid heeft. Het voorval heeft de verhoudingen tussen Apple en Google ernstig bekoeld. Eric Schmidt, tot voor kort CEO van Google, was ook snel daarna geen lid meer van de Apple Board waar hij jaren zitting in heeft gehad. Apple vond het ‘minder passend’ Google goed op de hoogte te houden van haar strategie in de mobiele markt…
  • Google en Politiek
    Google heeft goede relaties met enkele progressieve en innovatieve amerikaanse politici. Zo is Al Gore, tot op heden nog lid van de Apple Board, in een aantal lastige dossiers een gewaardeerd adviseur van Larry en Sergey. Ingeval van Google China heeft hij gewezen op de risico’s bij het zaken doen met het regime daar, hij had daar als vice president door schade en schande zelf de nodig ervaring mee opgedaan.
    Nu president Obama is als kandidaat voor de democraten op bezoek geweest bij Google om zich te verdiepen in de aard en impact van ‘het Internet’. Het bezoek legde de basis voor de succesvolle fondswerving en latere campagne van de toenmalige kandidaat die zelfs enkele googlers inspireerde voor zijn campagne te werken. Google hoopte daarmee ook een president te krijgen met begrip voor hun lastige positie op het gebied van privacy en marktdominantie. Obama heeft echter al laten zien dat hij als goed bestuurder geen uitzonderingen maakt in de bedrijven die onderzocht worden op ongeoorloofde concurrentie, bijvoorbeeld in het geval van Google boeken.

Google: een mediabedrijf? Nee meer AI (Artificial Intelligence)

Wat kenmerkt Google nu in haar kern? Is het een media bedrijf, het biedt immers toegang tot allerlei informatie in allerlei vormen: blogs, websites, afbeeldingen, foto’s, video? Levy concludeert dat de kern van het bedrijf ligt in de continue verbetering van de algoritmes die onze zoektermen combineren met onze context en dan de meest relevante resultaten opleveren. Google bewaart 9 maanden logs met onze searches om in gedetailleerde analyses te bepalen hoe de algoritmes gewijzigd moeten worden om nog betere resultaten te kunnen leveren. Deze technologie is divers inzetbaar en wordt bijvoorbeeld ook gebruikt om zo relevant mogelijke advertenties naast onze gmail te zetten!

Een ander uniek kenmerk van Google is het advertising model dat (nog) geen vergelijk kent op het Internet. Onderzoek wijst uit dat Google search zonder advertenties als minder bruikbaar wordt ervaren dan de versie met advertenties. Dan weet je dat het gelukt is een naadloze integratie te vinden tussen de onafhankelijke zoekresultaten en de betaalde links van adverteerders. Het elegante ‘dutch auction’ model (hoogste bieder betaalt de prijs van de bieder na hem) dat de zoektermen verkoopt kijkt dan ook niet alleen naar de hoogste prijs maar ook naar de relevantie van de advertentie gegeven de zoekterm. Dit tot irritatie van sommige adverteerders die erachter komen dat ze de beste plek niet zondermeer kunnen ‘kopen’. Ook dit algoritme houdt dus rekening met vele factoren om de gebruiker de meest relevante advertenties te tonen, dit vormt de basis voor de tolerantie voor advertenties: relevantie.

Interview met de auteur door Andrew Keen op Techcrunch

Geintresseerd om het boek zelf te lezen? Kijk op de uitstekende podcast van Andrew Keen bij Tech Crunch naar een interview met Steven Levy. Ik luisterde het boek via mijn audio boeken abbonnement bij Audible. Even downloaden naar iTunes en op de iPhone in de auto luisteren, ook heel gemakkelijk. Ik vond het een zeer interessant kijkje in de keuken van Google en op dit moment het beste boek over deze bepalende speler op het Internet. Zeker een plek waard in je zomerstapel ;-)

Mike (Juni/2011)

 

post

Laatste MoMo, #21 Spaces, een waardige afsluiting

Momo-logo Mobile Monday Amsterdam sloot gisteravond een reeks van 21 gratis toegankelijke ‘mini conferences’ af. Wat in mei van 2007 begon als een netwerkborrel groeide uit tot een reeks zeer interessante bijeenkomsten met sprekers die niet misstaan als keynotes op grote conferenties. Maar dan is het MoMo platform veel toegankelijker (gebleven) door de informaliteit, het pragmatisme in de organisatie en de zeer effectieve RSVP methodiek van inschrijven. De 400 plaatsen in de Duif in Amsterdam werden steeds in twee RSVP rondes vergeven op de ‘meetup pagina’ van MoMo. Klokslag 12:00 twee weken en één week tevoren konden geregistreerde gebruikers op de [I want to join] knop duwen, de laatste MoMo’s was de meetup binnen enkele minuten(!) volgeboekt tot verbijstering van diegenen die even later op de portal keken. Dan weet je in elk geval dat je de scherpste 400 mensen in huis hebt ;-)

Krenten in de pap: Internet of Things and Beyond

Mesh Eén van de meest memorabele MoMo’s waar ik aanwezig kon zijn was #15 over ‘Internet of Things and Beyond’. Vaak begint men bij dit onderwerp direct over ijskasten met Internet verbindingen die zelf verse melk bestellen. MoMo meetups kenmerkten zich echter steevast door veel meer verdieping te zoeken.

Zo sprak David Orban over de data die sensoren verzamelen en zelf kunnen analyseren en publiceren. Deze sensoren kunnen overal geplaatst zijn maar ze zitten ook in onze smartphones en auto’s. Ze verzamelen zoveel gegevens dat wij als mensen de beperking worden in de verwerking ervan, wij zijn de langzaamste schakel in de IT keten. David stelt dat sensornetwerken de analyses zullen afhandelen en ons de data gebruiksvriendelijk ter beschikking stellen. Daarmee worden we weer onafhankelijker van de technologie die ons nu vaak nog zo in beslag neemt.

En als dat ‘stretching it’ was dan kwam daarna Andrew Hessel, verbonden aan Ray Kurzweils ‘Singularity University’ die over ‘The Internet of living things’ sprak. Hij vergelijkt de logica in computers met het DNA waarmee je bacteriën kunt programmeren om bepaalde functies te vervullen. Met DNA printers kun je deze ‘DNA programma’s’ (nu al) tot levende organismen transformeren. Cool zegt Andrew, fascinerend inderdaad, maar de consequenties gaan mijn brein te buiten in elk geval. Duidelijk werd wel dat informatie technologie ook bij het ‘ontwerp’ en de creatie van levende organismen een versnellende, disruptieve rol speelt. Of dit vooral hoopvol of beangstigend is weet ik nog even niet, beide waarschijnlijk. Eén van de boeiendste sprekers die ik bij MoMo zag.

MoMo #21 Spaces, een waardige afsluiting?

Het antwoord daarop is gelukkig een volmondig ja. Vooral de 3 sprekers na de pauze hadden ijzersterke verhalen met interessante gezichtspunten. Ben Hammersley, voormalig oorlogscorrespondent nu Consultant ‘on the effects of the internet on society, foreign policy, business, and culture’, sprak over de ‘space of possibility’. Hij ziet een kloof tussen de generatie die de opkomende (mobiele) technologie begrijpt en ermee leeft (u en ik?) en de generatie die de wereld probeert te besturen en ten onrechte denkt dat de hiërarchieën die zij construeerden hun grip op de wereld nog niet verloren hebben. Dit terwijl iedereen nu middelen tot zijn/haar beschikking heeft om zonder toestemming wereldwijd te publiceren. En (sociale) netwerken ons in staat stellen om ongekend snel grote groepen mensen te organiseren en mobiliseren. Diverse industrieën en dictaturen hebben deze disruptie inmiddels mogen ervaren. Deze verbreding van het vraagstuk hoe technologie ontwikkeling niet alleen de economie maar ook de mores in de maatschappij, het bestuur en de cultuur beïnvloed vond ik verfrissend. Er zijn eerder technologie revoluties geweest maar de enorme versnelling is nieuw, deze laatste technologie revolutie helpt zijn opvolger te ontwikkelen. Concreter: wie in de technologiesector kan nog aan zijn ouders uitleggen wat zijn of haar baan inhoudt?

Cityscreen_crash Adam Greenfield, voormalig design directeur bij Nokia en nu gerespecteerd auteur (lees Everyware) en spreker over Urban Landscapes, hield een evenzo boeiend verhaal over de publieke ruimte die een ‘networked city’ wordt met objecten die kunnen waarnemen (met diverse sensoren) en handelen op basis van die waarneming. In hoeverre hebben wij nog controle over de informatie die wordt verzameld en wie dat waarvoor gebruikt, bewaart en inzet voor doelen die initieel nooit zijn aangegeven laat staan geaccordeerd door burgers? Een goed onderbouwd pleidooi voor transparantie en openheid om een leefbare publieke ruimte te behouden.

Kevin Slavin, mede-oprichter van Starling.tv een social TV platform, sloot af met een nuancering van de run op ‘Augmented Reality’. Onze visuele waarneming is aan zoveel invloeden onderhevig dat er wellicht veel boeiender mogelijkheden zijn dan er domweg beelden overheen leggen.

We hebben de video’s nog…

Het soort verhalen dat ik geprobeerd heb te beschrijven laten zich natuurlijk niet samenvatten in enkele zinnen. Deze en andere interessante presentaties vindt je op mobilemonday.nl of in de podcast. Een laatste tip: kijk in elk geval ook even bij #18 – Data: Mike Kuniavsky, Information is a Material, een hele andere kijk op ubiquitous computing.

Bedankt MoMo, het was erg interessant en op je hoogtepunt stoppen getuigt van grote klasse wat mij betreft.

Mike (Mei/2011)

post

De Geschiedenis van de Toekomst: van Apple Newton naar iPad

Ipad2 Tablets zijn (eindelijk) gearriveerd. De iPad toont aan dat er een plek is tussen smartphones en laptops. Als fervent gebruiker van (alle pogingen tot) tablets de afgelopen 10 jaar heb ik wel een beeld van de factoren die succes bepalen voor dit type apparaat. Na 3 Apple Newtons (2 x zo dik als huidige laptops) en diverse Tablet PC’s met Windows XP tot 7 biedt mijn iPad2 eindelijk de toegevoegde waarde die ik zocht. Een trefzekere touch-interface, een goed handzaam scherm, een batterij die makkelijk een hele dag meegaat, laag gewicht, een eenvoudig stabiel OS, connectiviteit naar de cloud en mijn gegevens, steeds meer sensoren, etc. Door deze eigenschappen verovert de tablet een plek op tijden/plaatsen waar laptops onhandig groot en smartphones onhandig klein zijn.

Ecosysteem minstens zo belangrijk als het device

Maar al te vaak wordt alleen gekeken naar specificaties van het device, terwijl een nieuw device tegenwoordig alleen succesvol kan zijn als het hele ecosysteem klopt. De app store met z’n lage drempel voor developers en gebruikers en de enorme collectie applicaties definieert de waarde van de iPad doordat daarmee alle mogelijkheden volop worden benut in combinaties die ons nog gaan verbazen.

Dit ecosysteem verschilt enorm van b.v. de situatie rond laptops met een zwaar OS, ingewikkeld (applicatie) beheer, en een complexe interface. De drempel om een iPad te gebruiken en daarop nieuwe apps te ‘installeren’ is veel lager en het valt niet mee om in de problemen te komen. Geen crashes, geen (her)installaties, geen handleidingen, geen opstarttijd. Deze verschillen zijn ook van grote betekenis voor het gebruik van ‘computers’ in onderwijs, daarover straks meer.

Geschiedenis van de Toekomst

Apple-newton De iPad is niet de eerste tablet poging van Apple. Steve Jobs keerde terug bij Apple in 1997, nadat hij in 1985 werd weggepromoveerd bij het Macintosh project en Apple teleurgesteld verliet. Ironisch genoeg was de Apple Newton (een tablet/PDA avant la lettre) het eerste product dat hij schrapte toen hij het roer weer overnam. Apple heeft (lang) gewacht voordat men vond dat de technologie en de kosten daarvan rijp waren voor een succesvolle introductie van een tablet. Veel achtergrond informatie over de Apple strategie is te vinden in een onderhoudend boek van Jay Elliot (voormalig SVP bij Apple): The Steve Jobs Way, iLeadership for a New Generation.

Wat mij betreft is duidelijk dat Tablets een zeer interessante toekomst hebben als content delivery platform (informatie consumeren) met (nog beperkte) mogelijkheden om zelf te creëren. Garageband en iMovie laten zien dat die creatie mogelijkheden er zeker zijn, effectieve interfaces op een tablet zijn echter zo anders dat we daar nog veel innovatie zullen zien, ook in klassieke toepassingen. Die toekomst zie ik vooral door de laagdrempeligheid en de vereenvoudiging in applicaties die minder doen, minder kosten, makkelijker te vinden/betalen/installeren/leren/gebruiken zijn waardoor we veel meer op maat bediend kunnen worden. Mark Randall, Chief Strategist Digital Media bij Adobe noemt dit ‘app snacking’.

Van oude wijn in nieuwe zakken naar Innovatie

Zoals bij elke nieuwe technologie introductie treedt eerst veel vervanging op van bestaande toepassingen. Een treffend voorbeeld hiervan is het eBook. We bladeren op onze eReader in een vaste volgorde door een titel en zijn al blij als we lettertypes kunnen vergroten/verkleinen. En natuurlijk hebben onze leveranciers verschillende formaten bedacht met DRM die vooral betalende gebruikers tot waanzin drijft. Het duurt altijd even voordat we loskomen van het oude juk en de potentie van de nieuwe technologie volop zien. Zo was één van de uitkomsten van een eReaders test bij Kennisnet dat het erg onhandig is dat je niet meerdere boeken tegelijk en naast elkaar kan lezen op zo’n reader, dat kan met fysieke boeken immers wel! De vraag is echter waarom een digitaal ‘boek’ niet simpelweg een dynamische combinatie zou bieden van een theorieboek, praktijkopgaven, referentie materiaal (rekentabellen/woordenboeken) met ingebouwde zoektechnologie, associatieve linking, etc.

Flipboard Voor de iPad is Flipboard een geweldige, snel groeiende app die dit model illustreert. Je kunt er allerlei bestaande kanalen/bronnen (twitter, facebook, RSS feeds, etc.) combineren en verder personaliseren met filters/zoekwoorden per kantaal. Soortgelijke apps zijn Pulse en Zite. ShowYou doet iets soortgelijks met video van de mensen die jij kent of volgt. Een hele nieuwe ervaring bij video’s snacken op YouTube. Een startup presenteerde bij ‘The Next Web 2011’ afgelopen week ‘Open Margin’, nu nog in closed beta. Open Margin biedt een eReader waarin je bronnen kunt annoteren en die annotaties online publiceert, zo kunnen alle aantekeningen bij een ‘ boek’ gedeeld worden onder alle lezers (vrienden? klasgenoten?) van dat materiaal. Over krachtige studie instrumenten gesproken.

Onderwijs

Ik las laatst een quote die me aansprak: ‘Scholen van Gisteren: Waarom ze leerlingen niet kunnen voorbereiden op de wereld van Morgen.’ Dit gaat ook op voor het gebruikte leermateriaal dat nu voor iedere leerling hetzelfde is, op hetzelfde moment, op dezelfde plaats, in dezelfde vorm, hetzelfde tempo, etc. Ik ben ervan overtuigd dat de Tablet het device is waarmee elke leerling zijn/haar persoonlijk toegang tot een individuele leerweg kan krijgen. Met flexibel (leer)materiaal dat altijd en overal toegankelijk is in de cloud. ‘Echte’ computers zullen er ook blijven maar zoals ik heb betoogd zijn Tablets echt andere apparaten met een heel ander ecosysteem waarvan de eenvoud, flexibiliteit en personalisatie goed bij onderwijs past. Dit nieuwe ‘boek’ (zie b.v. de ipad app van ‘Our Choice’ van Al Gore) biedt toegang tot al het materiaal dat leerlingen nodig hebben om het onderwijs te volgen dat hun unieke talenten naar boven brengt. Goede docenten blijven daarin van cruciaal belang als planners en begeleiders van het leren, hen kan in hetzelfde ecosysteem veel routinematig werk en administratie bespaard worden. Maar dat is weer een heel ander verhaal.

Mike (April/2011)

post

Een plan voor 2011?

Wat mij al langere tijd fascineert is het verschil tussen wat mensen zich voornemen en dat wat ze daadwerkelijk gedaan krijgen. Overigens ben ik daar zelf mijn belangrijkste proefkonijn ;-)

In de afgelopen jaren ben ik een aantal interessante bronnen tegengekomen die mijns inziens nuttige dingen zeggen over het maken en ook daadwerkelijk realiseren van plannen. Het materiaal varieert van bespiegelingen tot ouderwetse Amerikaanse stappenplannen, hieronder mijn oogst tot nu toe.Ik hoop dat het je helpt om je doelen in 2011 daadwerkelijk te bereiken.

BenTiggelaar_3054

Ben Tiggelaar zet in ‘Dromen, Durven, Doen’ uiteen waarom het heel lastig is om ons, grotendeels onbewuste gedrag (95% van de tijd) te veranderen juist omdat het onbewust gaat. Hij heeft praktische tips hoe je de kans kunt vergroten dat je doet wat je jezelf hebt voorgenomen. En hij getuigt van begrip voor ons chronisch tijdgebrek door zijn werk ook als luisterboek uit te brengen en het zelf in te spreken. Daar houden we van!

Remco claassen

Remco Claassen coacht je in ‘Ik’ met een paar goede vragen naar het verhelderen van: Wie ben je? Wat wil je? Hoe bereik je dat? Door onder andere goed na te denken over je eigen ‘mission statement’ maak je scherp wat je echte doelen zijn. Wat wil je nou eigenlijk echt? Misschien weet je dat wel niet… dan wordt het wel erg lastig om je doelen te bereiken. Prikkelend, energiek, originele insteek en… jawel ook Remco bedient de luisterende mens op haar wenken.

Marcus buckingham

Marcus Buckingham kiest in ‘The truth about you’ ook weer een originele benadering die ook een interessant licht werpt op de beoordelingsgesprekken die we net achter de rug hebben en de POP en PAP gesprekken van de komende weken. Marcus’ focus ligt op het ontdekken van je ‘strengths’ en ‘weaknesses’. Waar krijg je energie van en wat kost je energie? Je kunt ergens goed in zijn maar dat is niet noodzakelijk dat wat je motiveert en energie geeft. Onze focus ligt altijd op onze zwakke punten en hoe we die acceptabel kunnen krijgen. Marcus pleit ervoor juist je sterke punten meer te ontwikkelen en niet teveel aandacht te besteden aan dat waar je niet goed in bent. Mij spreekt dat wel aan ;-) Het boekje is een soort doe-het-zelf workshop met een korte film, beknopt boekje en een notitieboekje voor een opdracht. Zeer aan te bevelen. En je hebt het niet van mij… maar in iTunes vindt je van Marcus Buckingham een korte vod/podcast serie ‘Take control of your career and life’ die hij in samenwerking met Oprah Winfrey maakte. Geeft een prima indruk van zijn gedachtengoed.

David allen

Last but not least wil ik David Allen, mr GTD (Getting Things Done) noemen. Want na alle inzichten, goede voornemens en al dan niet rigoreuze maatregelen om het deze keer echt te laten lukken, biedt David Allen met zijn GTD systeem concrete hulp. Hoe ga je om met de chaos van elke dag? Hoe zorg je ervoor dat je niets (nouja) vergeet, de belangrijkste dingen eerst doet, overzicht houdt en bovenal rust vindt in je hoofd. Nu beweer ik niet dat ik daar al ben… maar zijn methode werkt. Lees of luister naar zijn boeken over ‘Getting things Done, the art of stress free productivity’. Zijn methode wordt wel eens afgedaan als ‘heel veel tijdrovende lijstjes bijhouden’ maar dat is m.i. onjuist. Zijn tips helpen, het werkt maar vraagt discipline en verandering van gedrag… terug naar Ben Tiggelaar dus !-)

Mike (December/2010 & Januari/2011)

post

Hey Maestro!

Op 1 april 2007, precies 2 jaar geleden, overleed Wim Verdonck. Een dierbare vriend, coach en voormalig collega en baas bij ICT adviesbureau VKA, zijn eigenhandig opgebouwde bedrijf. Een bijzonder mens, gedreven, briljant en bevlogen, maar ook bot, hard en een echte eikel af en toe! En een zeer toegewijde vriend als je die klik met hem had. Ik mis hem nog bijna elke dag, gek eigenlijk want we zagen elkaar maar een paar keer per jaar. En ook typisch Wim, zoveel impact had hij met zijn scherpe intuitie en bereidheid je ongezouten te confronteren met wat je zelf eigenlijk ook wel wist. Ga dat dan doen lul! riep ie dan grijnzend.

De-innovatieve-ondernemer
Een goede gelegenheid om Wim nog eens te herdenken bood de bijeenkomst van de ICT sociëteit in Zoetermeer op 30 maart jl. Als oud-oprichter van het ICT platform Zoetermeer, nu Stichting Kenniseconomie en Innovatie Zoetermeer, wordt het boek 'De Innovatieve ondernemer' aan Wim opgedragen. De familie neemt het eerste exemplaar in ontvangst. Passend deze geste, want Wim was de buitenboordmotor van ondernemerschap en innovatie in Zoetermeer, en het werd gedaan gedaan met liefde en oprechte waardering. Fijn om mee te maken.

Passend ook omdat Wim ondernemerschap belichaamde. De eerste les die hij me leerde en die me tot op de dag van vandaag vrijwel elke dag helpt is het fundament van ondernemerschap: "Als je een idee hebt of een kans ziet, grijp die dan direct, ga ervoor, meteen handelen! Of besluit bewust niet te handelen en zet het dan ook uit je hoofd". Geen halfslachtig gedoe of geweifel! Ik heb geen bedrijven maar probeer me wel elke dag ondernemend op te stellen, dat is zeker in deze economische tijden hard nodig en het is ook hardstikke leuk elke dag weer!

Alleen daarvoor ben ik Wim al zeer dankbaar. Ik begroette hem altijd met 'Hey Maestro' dus ik zeg het nog maar eens hardop: Dag Maestro, het was een eer en een genoegen je te kennen. Dank voor je vriendschap en je betrokkenheid. Je wordt gemist.

Mike (1 april 2009)

P.S. Voor mijn goede vrienden, levend en wel. Ik ben klaar met afscheid nemen! Ik zie jullie de komende 10 jaar alleen op feesten, deal?!

post

Lifehack Audioboeken: The Cluetrain Manifesto

Cluetrain-adioboek Lifehack: Audio Boeken

The Cluetrain Manifesto zou gedateerd moeten zijn, het is in 1999(!) uitgebracht. De uitzonderlijke kwaliteiten van de auteurs (Christopher Locke, Rick Levine, Doc Searls en David Weinberger) maken dat de reeds ingeloste voorspellingen geschiedschrijving blijken te zijn. Het merendeel van hun visie moet zich nog voltrekken. Al is het nu wel duidelijker dat het zo zal lopen…

Nu blijk ik me niet te vervelen in een gemiddeld jaar :-)
Mijn lifehack (slimmere manieren van werken) biedt echter een oplossing voor de overvloed aan must-reads. Veel van dit soort interessant werk is beschikbaar als audioboek. Mijn reistijd (45 minuten enkele reis) plus een paar files tussendoor is goed voor 2 van dergelijke boeken per week! Om beter te scoren op de hypo-meter mag je de boeken ook podcasts noemen B-)

Doc Searls – Markets are Conversations!

Als illustratie het verhaal van Doc Searls: Markets are Conversations. Doc vertelt hoe vroeger de 'markt' een gesprek was. De klant praatte met de verkoper, ging in gesprek over de koopwaar en kende de verkoper vaak al van reputatie. Op basis van die indrukken besloot de klant al dan niet tot een koop. In de periode van industrialisatie, massaproductie en marketing zijn we dat contact met de klant helemaal verloren.
Doc-searls-foto Doc illustreert dat heel mooi door te stellen dat 'to market' een werkwoord is geworden dat je mensen 'aandoet'. Je bent als aanbieder niet meer in geprek maar je probeert iemand iets te vertellen wat die niet wil weten of horen. Om dat toch voor elkaar te krijgen moeten die boodschappen steeds meer verpakt worden in vermaak of pseudo voorlichting. En wij maar zappen om te proberen dit te ontwijken. Om de 'axe in our heads' te vermijden, het planten van de onwillekeurige gedachte en ons onbewust toch tot een koopbeslissing aan te zetten.

Internet is de nieuwe Marktplaats

Het interessante inzicht dat Doc biedt is dat het Internet zich snel tot een prima alternatief ontwikkelt voor de vroegere markt waar klanten en aanbieders nog echt in gesprek waren. Je ziet dit ook overal gebeuren. Hoewel veel bedrijven het Internet zien als 'just another channel' om hun boodschap doorheen te duwen ('putting the axe in our heads') gebruikt de consument het Internet steeds meer om na te vragen bij omstanders in een markt wat ze vinden van het product en de verkoper.

Heb jij die laptop? Hoe bevalt ie? Gaat de batterij inderdaad 4 uur mee in de praktijk? Minder, hmm… jammer. En de support is die goed? Daarna pas wordt de koopbeslissing genomen. Het gesprek begint weer meer en meer plaats te vinden.

Snapt iedereen dit al?

Op het Internet van vandaag kun je ook zien dat succesvolle bedrijven het gesprek aangaan met hun klanten. Ze nemen deel aan de gesprekken over hun producten, komen te weten wat hun klanten verwachten en kunnen inspelen op wensen en klachten. Het ligt inderdaad erg voor de hand, maar let maar eens op hoeveel organisaties nog steeds staan te zwaaien met die bijl, wachtend op een kans om ons te verrassen. Intussen houden ze hun medewerkers binnen met hun firewalls en andere afschermingsmechanismen. Medewerkers moeten toestemming vragen om een blog te mogen schrijven of reacties te geven op fora waar over de producten van het bedrijf word gediscussieerd… Kansloos inderdaad.

Nieuwe Onderwijs: Gesprek tussen Leerling en Docent?

Een parallel met onderwijs is eenvoudig te maken. Ook het onderwijs heeft haar 'industrialisatie' fase gekend. Het heeft ons gelijke toegang tot onderwijs gebracht, maar het is tijd voor de volgende stap. In gesprek met de leerling(e) over toekomstdromen, talenten, etc. in plaats van verhalen vertellen die ze niet willen horen in vormen die ver af staan van hun dagelijks mediagebruik.

Mike (oktober/2008)

post

iCon, Steve Jobs

Icon-steve-jobs

Onderzoek wijst uit dat we met z’n allen steeds meer boeken kopen in dit digitale tijdperk. We lezen overigens steeds minder. Zo heb ik al enkele jaren iCon Steve Jobs ‘The Greatest Second Act in the History of Business’ in een stapel zitten. Deze vakantie kwam ie toevallig(?) in de leesstapel terecht. Conclusie: Jobs is een geniale maniak!

Wired’s over Jobs

In Wired Magazine 16.04 ‘How Apple Got Everything Right By Doing Everything Wrong’ werd al beeldend beschreven dat Jobs Apple in tegenstelling tot concurrrenten gesloten producten zonder uitbreidingsmogelijkheden (iPod/iPhone/iMac) zeer succesvol aan haar zeer tevreden klanten verkoopt!

Daarnaast beschrijft wired dat apple ook andere tactieken inzet die algemeen als onverstandig worden beschouwd. Enkele voorbeelden? Ontsla je medewerker als die in de lift niet kan uitleggen waarom hij toevoegde waarde aan Apple levert. Los van het feit dat iedereen de maanden daarna vooral de trap gebruikte is het een flinke stimulans om je ‘elevator-pitch’ op te poetsen ;-)

Nog een tip? Klaag bloggers aan die enthousiast over je producten schrijven en dwing ze offline te gaan… Vertouwelijkheid m.b.t. nieuwe producten is bij Apple namelijk essentieel. Lekken doe je als medewerker op straffe van ontslag op staande voet.

USPs: Design en Integratie

Het succes van Apple en haar producten is onder andere te verklaren door een helaas elders ongebruikelijk grote nadruk op gebruiksgemak en ‘design’. Dat laatste gaat voorbij vormgeving en richt zich ook in groot detail op ‘hoe iets werkt’.

Ook nauwe integratie en control over toegepaste hardware, software en dienstverlening draagt bij aan de geleverde kwaliteit. Mac, OSX en .mac zijn zeer goed geïntegreerd. Vista staat met de ondersteuning van minimaal miljoenen verschillende combinaties van componenten die min of meer werkende PC’s opleveren voor een heel andere uitdaging. Met navenante resultaten…
De iPhone, OSX en T-Mobile is ook zo’n exclusieve combinatie om een seamless user experience mogelijk te maken, en de prijs te kunnen controleren :-) De iPhone met alle Telco’s met hun eigen voicemail en datanetwerk aanbieden levert nu eenmaal niet de kwaliteit die Apple haar klanten wil leveren.

Reality Distortion Field

Het boek schetst een fascinerend beeld van Jobs als een man zonder angst, slecht voor rede vatbaar en daarmee blind voor risico’s. Maar ook een groot inspirator voor medewerkers waarvan hij onvoorwaardelijk commitment en inzet eist. Werken met Jobs werd door een ex-medewerker geschetst als leven in een ‘reality distortion field’, hij neemt mensen mee in zijn visie en krijgt het onhaalbare voor elkaar. De iPod is ontwikkeld van idee naar product in de winkel binnen 1 jaar!
De nodig missers zijn er ook maar aspecten daarvan blijken vaak de basis voor later succes. Next Cubes waren onverkoopbaar dure machines maar het Nextstep OS bleek Jobs herintrede bij Apple en de basis voor het huidige succes van OSX.

Pixar!

Een ander voorbeeld dat mij erg aansprak is Pixar. Jobs nam een klein computer animatie team over van George Lucas, toch ook geen kleine jongen. Hij worstelde jaren om volledig computer geanimeerde films als haalbaar verkocht te krijgen en hield intussen Pixar in leven met prive vermogen. Uiteindelijk haalde Jobs Disney over om Toy Story te financieren, brak met Disney na grote successen van Pixar en heeft intussen Pixar overgedaan aan Disney voor 7.4 Miljard Dollar in aandelen…

Believing Iphone?

De iPhone 2, met GPS en 3G geloof ik ook, zonder aanraken ;-) Al blijft ik het idioot vinden dat ik geen micro SD kaartje kwijt kan als ik 8 of 16 Gb extra wil terwijl mijn huis-tuin-en-keuken HTC met me-too Touchflo interface dat probleemloos toelaat.

Neemt niet weg dat intuïtieve applicances in onze ongeduldige wereld steeds belangrijker worden, benieuwd waar Steve na computers, muziek, animatie en telefonie nu mee komt? Wellicht Apple’s doorbraak in het Business domein? De keuze voor Intel en bootcamp vormt een interessant begin.

Mike (juli/2008)

It's right to be wrong