post

Mobiele Toepassingen: Studiedag @ROC West-Brabant

Afgelopen vrijdag 27 november jl. organiseerde ROC West-Brabant een studiedag voor haar docenten. Ik verzorgde een workshop over Mobiele Toepassingen, een onderwerp dat in het Kennisnet SURFnet innovatieprogramma uitgebreid is onderzocht. Materiaal genoeg dus! Onderstaand mijn presentatie, zoals gebruikelijk te downloaden van slideshare (dan zijn de video’s ook te bekijken). Zie onderaan het bericht enkele verwijzingen naar de video’s en URLs in de presentatie.


Waar en wanneer mobiel?

Ook de mobiel (smartphone of PDA) heeft haar passende plek in de ICT infrastructuur die onderwijs faciliteert. Klein/compact, zeer draagbaar en steeds goedkoper continu verbonden met het Internet. Welke unieke mogelijkheden biedt een dergelijk apparaat? Met GPS, een digitaal kompas en een camera aan boord is de mobiel ‘locatie bewust’. GPS zegt je waar je bent, het kompas duid de richting waarin je kijkt en de camera levert het beeld. Deze unieke combinatie maakt het mogelijk nauwkeurige, locatie specifieke informatie toe te voegen aan het camerabeeld. Dit noemt men ook wel mobile augmented reality. Een heel aardig voorbeeld biedt layar.com. De toepassingen zijn vrijwel onbeperkt, geschiedenis les terwijl je door de stad loopt of informatie over flora en fauna tijdens een wandeling door het park.

Een veel eenvoudiger, heel praktisch en daarmee heel effectief voorbeeld dat al volop in het onderwijs gebruikt wordt is het door de Digitale School ontwikkelde WRTS. Met dit online overhoorprogramma kun je lijstjes met woorden oefenen. Met de webversie kun je lijsten maken of bestaande lijsten hergebruiken. Maar met WRTS voor mobiel kun je ook onderweg naar school in bus, tram of trein met dezelfde woordenlijstjes oefenen. Duidelijk een toepassing die perfect past voor eenvoudig onderweg gebruik. Een uitstekend voorbeeld van het uitnutten van de specifieke plaats en tijd waar de mobiel de beste keuze is.

Mike (november/2009)

Overzicht van bronnen:

  • Video generatie KPN – verstoppertje (oud en nieuw spelen) hier.
  • Video over mobile learning hier.
  • Voor de liefhebber ook de video over kat herders hier
  • Last but not least vind je hier de video van Microsofts Office Labs Vision 2019.

 

post

Cloudcomputing in Onderwijs!

Scholen worstelen al sinds de opkomst van ICT in de school met het beheer van ICT faciliteiten. Vooral voor de kleinschaliger instellingen is een eigen team ICT specialisten of professionele uitbesteding te duur, het laatste biedt bovendien te weinig flexibiliteit in de dienstverlening.
Modern onderwijs, digitaliserend onderwijs dat leerlingen persoonlijke leerplannen laat doorlopen wordt echter steeds afhankelijker van ICT. De beschikbaarheid van de ICT infrastructuur is van steeds groter belang voor het dagelijkse onderwijsproces.
Deze twee zaken zijn lastig verenigbaar: een groeiende afhankelijkheid van ICT zonder goede oplossing voor het beheer. Het antwoord ligt in het buiten de school plaatsen van de applicaties, Cloud Computing is daarom, juist voor het onderwijs, een ontzettend belangrijke ontwikkeling. Overigens is de situatie voor het midden- en kleinbedrijf, de zorg en grote delen van overheden heel vergelijkbaar.

Digitaal Leermateriaal en ICT infrastructuur @I&I conferentie

Op 4 november jl. gaf ik onderstaande presentatie over digitaal onderwijs en de consequenties voor de ICT infrastructuur op de I&I conferentie 2009 “In de wolken…?”. Een uitgelezen plaats en tijd om het belang van cloudcomputing voor het onderwijs te bepleiten.


Maar wat bedoel je precies met cloud computing?

Cloudcomputing biedt volledig verzorgde applicaties op het Internet die vanaf elke locatie te gebruiken zijn. Zowel de software als de daarmee bewerkte gegevens staan ‘in the Cloud’, een marketeers term voor het aloude Internet. Met dit soort applicaties zijn software upgrades, hardware uitbreidingen, storingsoplossingen, backups, etc. het probleem van de applicatie aanbieder. Applicaties die nog niet aangeboden worden in de Cloud kunnen aanvullend worden aangeboden op de werkplek via traditionelere oplossingen.

Cloudcomputing is dan ook geen bestemming maar een ontwikkelingsroute. Elke organisatie zal zich bewegen op een continuüm van op de eigen
locatie geïnstalleerde servers en applicaties via co-locatie
voor eigen servers en/of hosted servers met eigen applicaties naar
virtualisatie tot uiteindelijk cloud computing. Overweegt u een Shared Service Center in te richten voor uw bestuur? Dan bouwt u uw eigen cloud, overdenk daarbij nog eens zorgvuldig of de diensten die u inricht niet al op de markt verkrijgbaar zijn!

Ook als er aanleiding is om zelf (aanvullende) applicaties te ontwikkelen kunnen die beschikbaar gemaakt worden op cloudplatforms. Google biedt hun apps engine en Microsoft ontwikkelt windows Azure, virtuele applicatie servers waarop je eigen applicaties zorgeloos (voor jou) kunnen draaien. Applicaties/software wordt dienstverlening, eerder ook wel utility computing genoemd naar model van andere publieke diensten als electriciteit en water. We vinden het heel normaal dat we zelf geen electriciteitscentrale hebben of eigen waterput. Over enkele jaren denken we hoofdschuddend terug aan de primitieve tijden waarin we zelf software moesten installeren ;-)

Haarlemmerolie?

Is dit niet te mooi om waar te zijn? Ja en nee… De voordelen van cloud computing zijn heel groot, met name in de onderwijssituatie en niet alleen voor kleinere instellingen. Kapitale investeringen in hardware en software vooraf zijn niet meer nodig, overcapaciteit en/of onderbenutting is niet meer aan de orde. Betalen doe je naar daadwerkelijk gebruik en er is een heldere transparante kosten toerekening mogelijk. Er is veel meer flexibiliteit om veranderingen in het onderwijs te kunnen ondersteunen, applicaties kunnen binnen één tot enkele dagen besteld en in gebruik worden genomen. En, heel belangrijk, een werkplek is inwisselbaar! Alle software en gegevens staan in de Cloud, een kapotte computer wordt omgewisseld voor een ander, inloggen en doorwerken.

Maar er zijn zeker ook nadelen die in ogenschouw moeten worden genomen. De integratie van cloud applicaties kan lastiger zijn dan zelf geïnstalleerde software. Daarnaast is het gevoel van privacy en controle over jouw gegevens in de Cloud minder. Bovendien is je gebruikersgedrag in detail bekend bij de aanbieder, hoe gaat die daarmee om? Hoewel die zorgen niet zomaar weggenomen kunnen worden is het van belang ons te realiseren dat de situatie niet wezenlijk verschilt van eigen servers die onderhouden worden door externe partijen. In alle gevallen is het zaak goede, sluitende afspraken te maken met je leveranciers, eis transparantie in hun handelen om de zorg deels weg te nemen. Glimlach tegen je systeembeheerder die zijn ‘I read your e-mail’ T-shirt draagt, en maak vervolgens goede afspraken over de informatie die welke medewerkers, wanneer nodig hebben om hun werk te kunnen doen. Zo ook met je cloud aanbieder.

Mike (November/2009)

post

Sociale Media in Onderwijs?!

Op 23 oktober jl. mocht ik tijdens de netwerkdag ‘Social Gaming’ van het mediawijsheid expertise centrum een inleidende keynote houden bij Beeld en Geluid in Hilversum. Jeroen van Beijnen schreef een verslag. Mijn onderwerp: Sociale Media in Onderwijs. Onderstaande presentatie is een inleiding in social media in onderwijs met enkele eerste conclusies. Intussen hebben we ook enkele aanbevelingen geformuleerd, die zal ik onderstaand toelichten.


Social, het nieuwe Web 2?
Social lijkt het nieuwe web 2.0, alle nieuwe toepassingen ‘doen iets’ met social. Zo gek is dat overigens niet. Wij mensen zijn immers sociale wezens. We hebben behoefte aan onderling contact, met name in deze individualistische samenleving is dat soms lastig. In vroeger tijden, levend in stammen, dorpjes en andere kleine gemeenschappen leefde eenieder die belangrijk voor je was op loopafstand. De wereld werd kleiner, we reizen gemakkelijk veel verder, je kunt het contact met dierbaren of goede vrienden soms maar lastig in stand houden. Sociale netwerken adresseren dat probleem, of het nu oude klasgenoten, dienstmaten of mede liefhebbers van golf of exotischer sporten of hobby’s zijn, je kunt ze eenvoudig online treffen. Dit contact vervangt geen fysieke ontmoetingen, maar het is wel een leuke aanvulling erop, getuige het succes van enkele sociale netwerken zoals hyves, linked-in en facebook. Maar wat bepaalt succes van zo’n netwerk?

Twitter: elkaar berichten sturen, maar dan anders
Ik heb me lang afgevraagd wat ik aanmoest met twitter, account aangemaakt, een paar tweets geschreven, ik vond het er eigenljk nix aan… Nu er steeds meer (oude) vrienden twitteren wordt het leuk! Ik kan lezen wat koen doet elke dag, sinds we afstudeerden eten we eens per jaar met fred (we moeten dit jaar nog afspreken guys!), altijd gezellig om bij te praten. Nu weet ik tussendoor wat koen bezighoudt, soms een kort direct berichtje naar elkaar, geklets eigenlijk, maar leuk om zo iets meer contact te hebben. Social media zijn de aanvulling op het gesprek dat je al hebt met je vriendenkring, of het gesprek dat je makkelijker opzoekt met mensen met dezelfde interesse of passie.

Onderwijs en Social Media?

In het onderwijs worden social media voornamelijk beschouwd als een probleem. Hoe houd ik mijn leerling (letterlijk) bij de les? Youtube, hyves, MSN, allemaal afleiding… Ik wilde graag uitzoeken of en hoe op een constructieve manier omgegaan kan worden met social media in onderwijs. Al was het maar omdat het verbieden van wat dan ook bij pubers meestal geen oplossing is ;-) Bovendien is er grote behoefte aan meer betrokkenheid van jongeren bij het onderwijs, en het ligt voor de hand om dan te kijken in hoeverre ‘hun wereld’ onderdeel kan vormen van onderwijs, in plaats van die te verbannen. Social media als hyves zijn vooral de plek waar leerlingen hun peergroup ontmoeten, ze vormen en uiten er hun identiteit. Op ouders en leerkrachten zitten ze daar echt niet te wachten. Wat te doen?

Een triest misverstand: leerling en docent kunnen elkaar wel degelijk helpen!

Digital-Native
De homo zappiens, de multitaskende digital natives geboren en levend in een tijd met daarin als vanzelfsprekend internet, digitale media en telefoons met ruim meer rekenkracht, opslagruimte en een beter scherm B-) dan mijn eerste PC. Van deze jongeren wordt vaak te makkelijk aangenomen dat ze digitaal vaardig zijn. Daar komt meer bij kijken dan snel typen of zonder angst allerlei nieuwe spullen uitproberen. Hoe benut je daadwerkelijk online samenwerkingsomgevingen? Hoe ga je om met het publieke platform dat internet is? Hoe ga je om met je privacy? Welke informatie kun je vertrouwen? Hoe zoek je effectief? Dit zijn zaken waarover leerlingen vaak nog veel kunnen leren.

Dan docenten, toch vaak afgeschilderd als digital immigrants, digibeten die niet vertrouwd zijn met computers, internet en nieuwe media. Wat kunnen zij leerlingen bijbrengen over de digitale wereld? Best veel dus! Onderzoek naar gebruik en vooral begrip van alle nieuwe media wijst steevast uit dat leerlingen maar heel beperkt vertrouwd zijn met de diepere mogelijkheden en risico’s van internet en nieuwe media. Eerdergenoemde vragen kunnen juist docenten met hun media-onafhankelijke informatievaardigheden helpen beantwoorden. Hoe kom je door het raadplegen van meerdere bronnen tot een onafhankelijk oordeel? Hoe plan en organiseer je samenwerking?

Het zou een triest misverstand zijn als we aannemen dat leerlingen niets meer te leren hebben over internet en sociale media, en nog triester als we dan ook nog aannemen dat docenten hen daar niets over kunnen leren. Niets is minder waar!

Wat kunnen we dan wel doen?
Er zijn (natuurlijk) geen eenvoudige oplossingen, maar ons eerste onderzoek heeft wel een paar bruikbare tips opgeleverd. Deze adresseren de issues hierboven toegelicht:

  1. Zet social media in t.b.v. kennisdeling onder docenten, o.a. rond ontwikkelingen in ICT en de inzet in de les. Twee vliegen in één klap: docenten gebruiken social media als ze begrijpen wat ze er (zelf) aan hebben en professionalisering vindt plaats binnen de docenten community.
  2. Creëer een omgeving waarin het ‘veilig’ is lesmateriaal te delen. Kennisdeling hangt nu vaak nog op vertrouwen, wordt ik niet verguisd als ik dit materiaal publiceer? Een meer vertrouwde, praktisch inzetbare omgeving waar waardering is voor elkaars bijdragen en constructieve discussie plaatsvindt kan veel bijdragen aan het samenwerken aan goed digitaal leermateriaal.
  3. Creëer een sociaal mediale lesomgeving waarin leerlingen binnen de lesmethode, begeleid door docenten, kunnen samenwerken binnen de les. Discussies over de les, het huiswerk, correcties van elkaars werk, legio mogelijkheden. Uitgevers sla uw slag !-)
  4. Creëer een sociaal mediale leeromgeving op schoolniveau. Waar de ELO vaak blijft hangen in het bieden van een electronische schooltas is juist het gesprek over onderwijs met leerlingen heel interessant. Zeker in de context van het voorkomen van uitval is een doorlopend gesprek tussen bijvoorbeeld coach en leerling van groot belang. Hoe gaat het? Sluit de leerweg nog aan? Moeten keuzes worden bijgesteld?
  5. Last but not least: biedt leerlingen een lespakket over het gebruik van digitale media, met name sociale media en samenwerkingsplatforms.

Deze korte toelichting doet de ideeën geen recht, een nadere uitwerking/invulling moeten we nog maken. Deze suggesties zijn misschien geen van allen baanbrekend en bestaan al in enige vorm en inhoud. Maar cruciaal is om te bezien of het daadwerkelijk mogelijk is in die bestaande oplossingen een vertrouwde omgeving op te bouwen en met elkaar in gesprek te komen. Dat geldt voor leerlingen in hun klas net zozeer als voor docenten onderling. Te vaak staren we ons blind op functionele mogelijkheden die er wel of niet zijn. Maar het kunnen voeren van een goed gesprek over een gedeelte interesse is waar het echt om gaat! Liefst IRL maar als dat even niet kan via twitter, je hyve, email, etc. En dat is direct ook de bepalende succesfactor van social: een gedeelde interesse of passie, als die er is dan komt het gesprek vanzelf.

Tot slot
De uitdaging is om met sociale media ook de school voorbij haar fysieke grenzen en schooltijden uit te breiden. Leerlingen doen dat al in hun onderlinge gesprek met hyves en MSN. Digitaal leermateriaal, al dan niet in het ELO, is al plaats- en tijdonafhankelijk. Nu de les, de docenten en de school nog over die grenzen helpen.

Mike (Oktober/2009)

post

TED crash ?-)

Wat maakt de TED conferenties zo speciaal?

Vanuit eigen ervaring kan ik in elk geval zeggen dat ze inderdaad heel speciaal zijn. Ik heb de nodige conferenties mogen bezoeken maar ik heb nog niet meegemaakt dat bezoekers zo gemakkelijk contact leggen met elkaar. En stuk voor stuk zijn het relevante, inspirerende gesprekken.

3775835915_a926f18b8c_o Daarnaast is er heel weinig afstand tussen sprekers en bezoekers, overal vinden discussies plaats, ik heb diverse sprekers 1-op-1 vragen kunnen stellen over hun verhaal, erg leuk.
En de kwaliteit van sprekers is uitzonderlijk, waar een gemiddelde conferentie één of twee echt goede verhalen heeft is hier elke spreker heel goed. Dat wil zeggen: een goed verhaal, goed gebracht dat bovendien inspireert omdat het vragen oproept en je stimuleert je eigen context vanuit een ander perspectief te bezien.
Zo'n enthousiast relaas klinkt overdreven, te lang bij amerikanen rondgehangen zeker… ;-) Enfin, er is een eenvoudige oplossing, ga zelf volgend jaar!

TED crash & Tips
Een laatste waarschuwing bij de afsluiting was het 'gat' waar de gemiddelde TEDster in valt na een week TED: de TED crash. Slechte grap? Nee, het is inderdaad afkicken. Na 3 weken vakantie was ik bijna uitgestuiterd. Mijn familie begon het ook wel zat te worden dat ik bij elk gespreksonderwerp riep dat ik daar een geweldige presentatie over gezien had.
Ik ben zeker van plan de komende tijd wat aanbevelingen te doen zodra meer presentaties online komen. Een eerste selectie van talks die al online staan:

Enfin, ik zag ruim 100 verhalen @TED global 2009. Meer zodra ze online komen.

Mike (Augustus/2009)

post

Gordon Brown @TED Global

De reguliere sessies @TED waren dinsdagmiddag heel goed begonnen met filosoof Alain de Botton met een prachtig relativerend verhaal over ambities en teleurstellingen. Om een idee te geven van zijn relativeringsvermogen deze quote:

    "Next time you see someone in a Ferrari, don't think: They're greedy. Think: This is someone incredibly vulnerable and in need of love." – Alain De Botton, on the challenge of modern society, in which we – and others – measure our worth by what we "do" and what we own.

Nieuw 'global leadership' nodig om globale problemen aan te pakken

Gordon_brown_at_TED De britse PM Gordon Brown was DE surprise speaker van de eerste dag. Brown bleek een eloquent spreker op het TED podium en hield een gepassioneerd betoog voor de vernieuwing van globale samenwerking om de grote problemen effectief aan te pakken.

Moderne communicatie mogelijkheden en media bieden naar zijn mening unieke mogelijkheden om de noodzakelijke verandering te versnellen door verscherpt bewustzijn te creëren onder de wereldbevolking. Hij stelt dat hiervoor een 'global ethic' (fairness/responsibility) alsook globale communicatie en samenwerking noodzakelijk is. Zie zijn 17 minuten durende verhaal hier op de TED website.

Drinken uit een brandweerslang…

Andy Tanenbaum was/is mijn favoriete hoogleraar tijdens mijn Informaticastudie @VU Amsterdam. Tijdens een college vergeleek hij zijn studie bij het MIT eens met drinken uit een brandweerslang. Je kan nog zoveel dorst hebben, het water kan nog ze lekker zijn, maar zoveel tegelijk… Ik begrijp sinds vandaag nog wat beter wat hij mogelijk bedoelde. Er komen zoveel sprekers langs met korte, zeer goed uitgedachte verhalen met interessante boodschappen op allerlei intellectuele niveau's. Pffff… slapen! Op naar dag 2!

Mike (Juli/2009)

post

TED Global @Oxford

Maandagmiddag 20 juli, net aangekomen in Oxford, was er om 17:00 direct een leuke gelegenheid om te beginnen met de TED Global 2009 ervaring. Keble College, mijn ‘hotel’ en de plek voor een opname van ‘The Forum’ voor BBC worldservice, ziet er prachtig uit.

Natuurlijk zijn hollanders minder snel onder de indruk van een prachtig, historisch gebouw. Zeker geboren en getogen in Haarlem, zoals ik, ben je wel wat gewend ;-) Maar de vele Amerikaanse mede-bezoekers zijn zichtbaar onder de indruk.

Inhoudelijk was het ook erg interessant. In een klein theater @Keble College maakte BBC worldservice programmamaakster Bridget Kendall op zeer professionele wijze haar radioprogramma met 3 gasten:

  • Andrea Ghez (astronome, heeft het bestaan van ‘supermassive black holes’ aangetoond);
  • Evgeny Morozov (expert politieke en sociale aspecten van Internet) en
  • Ian Goldin (directeur ’21st Century School’, Oxford).

Internet: democratiserende factor of instrument voor onderdrukkers?

Evgeny Morozov, voorheen woonde en werkte hij in het Oostblok, vertelt geïnspireerd over de risico’s van open Internet platforms voor actievoerders uit onderdrukte landen. Vroeger, zo stelde hij met gevoel voor ironie, moest je mensen martelen om informatie te bemachtigen over samenwerkende activisten en hun contacten. Tegenwoordig bekijk je gewoon hun Facebook profiel…

Hij ziet ook zeker de kansen die Internet als medium biedt maar is kritisch over de vaak gemakkelijke aanname dat Internet en media democratie zullen brengen in elk land. Elk medium is na enige gewenning door regimes ingezet als instrument voor onderdrukking, controle en propaganda is zijn stelling, hij noemt dit ‘Spinternet’.

Evgeny werkt momenteel aan een boek waarin hij de grote invloed van Internet op democratisering en politieke processen beschrijft en toelicht.

Prediction is very difficult, especially of the Future

Ted-global-stage

Ian Golding, voormalig adviseur van de regering van Nelson Mandela, is gespecialiseerd in risico analyse. Zijn stelling is dat overbevolking geen groot probleem wordt op aarde, maar wel de impact van één individuele ‘gek’. Globalisatie zorgt ervoor dat een lokale ontwikkeling, razendsnel globale gevolgen heeft. De globale maatschappij is volgens Ian onderling zo nauw gerelateerd dat hier naast kansen ook grote kwetsbaarheden door ontstaan.

Tevens stelt hij dat huidige ‘global management’ organisaties absoluut niet in staat zijn adequate globale afstemming tot stand te brengen om dergelijke risico’s goed te adresseren. Aan de positieve kant voorziet Ian concrete mogelijkheden om deze eeuw een einde te maken aan armoede in de wereld, gezondheidszorg naar een ongekend hoog niveau te brengen en ieder mens in staat te stellen te leven naar eigen inzicht en idee van bestemming.

Ian is ervan overtuigd dat het te moeilijk is de toekomst te voorspellen, keer op keer blijkt dat we daar heel slecht in zijn. Wie voorspelde het einde van apartheid in zuid-afrika of de val van de berlijnse muur? Of de financiële crisis, of het verloop van de huidige pandemie? Wat je wel kunt doen is je goed voorbereiden op mogelijke toekomsten en indien nodig maatregelen nemen. Desgevraagd is Ian meer optimist dan pessimist, maar wel een optimist die goed voorbereid is op eventuele problemen.

Astronomie: een nuttig, breed perspectief op de wereld

Andrea Ghez heeft als astronome een heel ander perspectief op risico’s. Ze weet bijvoorbeeld vrijwel zeker dat de zon de aarde zal opslokken… over 4 biljoen jaar. En hoewel dit wellicht minder relevant lijkt in het licht van kortere termijn problemen zoals een economische crisis, klimaatverandering, enzovoort, betoogt ze dat het perspectief vanuit het universum zeer waardevol is voor de mensheid. Het is goed te weten dat wij in een heel alledaags sterrenstelsel leven, stelt Andrea, en dat ons bestaan in die context heel relatief is.

En TED Global moet nog beginnen…

En dit was nog maar een voorproefje! Vrees niet, ik ben absoluut niet van plan een integraal verslag te geven van de kleine 100 sprekers die de komende vier dagen voorbij komen !-) Maar de highlights zal ik vanuit mijn perspectief even noemen. Het wordt een interessante week!

Mike (Juli/2009)

post

Creative Company Conference 2009: Amnon Levav en Sir Ken Robinson

Ccc De CCC 2009 op 26 mei jl. in het Muziekgebouw aan ‘t IJ in Amsterdam was de moeite waard, uitstekende sprekers over creativiteit en innovatie. Tevens enkele boeiende testimonials van innovatieve bedrijven, o.a. een chocolade maker TCHO. Ruwweg twee vragen stonden centraal in het programma. Welke randvoorwaarden moet je scheppen voor creativiteit en innovatie? Hoe zorgen we ervoor dat onderwijs het breed exploreren en ontwikkelen van talent en passie ondersteunt, in plaats van het er langzaam uit te knijpen?

Innovatie werd door Amnon Levav van SIT (Systematic Inventive Thinking) gedefinieerd als ‘The ability to think and act differently’. Onderzoek dat Sir Ken Robinson aanhaalde wees uit dat 98% van kinderen tussen 3 en 5 jaar ‘ bilateral thinkers’ bleken. Diezelfde groep werd op leeftijd 8 tot 10 getest en de score was nog maar 40%. Op leeftijd 15 tot 18 daalde dit cijfer tot 15%. Onder 100.000 25+ers bleek slechts 2% de norm als ‘bilateral thinker’ te halen. Opleiding zorgt er kennelijk voor dat ons vermogen open naar een vraagstuk te kijken snel kleiner wordt.

Sir Ken
Tja wat kan ik nog over deze man zeggen? Het was een voorrecht om Sir Ken Robinson na vele online video’s en podcasts live te zien en te horen. Een begenadigd
verteller, een broos voorkomen en een enorme natuurlijke autoriteit. Zijn boodschap is al vaak samengevat en online weergegeven. De kern van zijn meest recente boodschap, vastgelegd in zijn boek ‘The Element’, is dat veel te weinig mensen werken en leven op het kruispunt van hun talenten en passie. We herkennen allemaal het gevoel dat we ‘in ons element zijn’. Tijd verstrijkt ongemerkt, je raakt niet vermoeid maar krijgt juist energie van wat je doet.

Veel mensen weten helemaal niet wat hun talent is en onze onderwijssystemen zijn er niet op ingericht om die te helpen ontdekken en ontwikkelen. Ons huidige
systeem beoogt onze jeugd zo efficiënt mogelijk een set met standaard vaardigheden aan te leren op een standaard manier. Val je daar buiten dan heb
je pech gehad, en als je daar opstandig van wordt dan krijg je medicijnen. Daar draait Sir Ken wel een erg kort bochtje maar zijn punt is duidelijk en
herkenbaar. En niet alleen leerlingen lijden daaronder, ook hardwerkende goedbedoelende docenten zitten opgesloten in dit systeem.

Varieteit in het Onderwijs
Mijn collega Frans Schouwenburg vertelde laatst dat hij docenten altijd vraagt of ze tevreden zijn over het onderwijs dat ze geven. Vrijwel altijd is het antwoord nee, men is zich terdege bewust van de didactische noodzaak variëteit te bieden in de les. Maar in de praktijk komt dit er niet van.
Digitaal Leermateriaal en ICT hulpmiddelen bieden de mogelijkheid die variëteit wel te bieden. Maar belangrijker nog is een omslag in het denken over onderwijs, de organisatie van onderwijs en de kerntaak van onze onderwijzers. Een innovatie in onderwijs die heel veel creativiteit vergt van ons allemaal. De wereld waarop ons onderwijs de jeugd voorbereid kan trouwens ook wel een paar nieuwe inzichten gebruiken, maar juist dat begint natuurlijk bij eenieders opleiding!

Amnon Levav, Systematic Inventive Thinking

Amnon picTerug naar de conferentie. Amnon Levav gaf in een interactief verhaal met wat confronterende oefeningen (leg je buurman uit welke ideeen je hebt opgedaan zonder te praten of schrijven) enkele eye-openers over randvoorwaarden voor innovatie.

  • Constraints enhance innovation: er is zoiets als teveel vrijheid of te weinig context, kies specifieke kaders en het is gemakkelijker met goede nieuwe concepten te komen.
  • Brainstorming is BAD for you: een pijnlijke, vrijwel iedereen die ik ken plant een brainstorm als er nieuwe ideeen moeten worden gegenereerd. Groepsdeelnemers beperken elkaar echter vooral in het vrijuit denken en durven/willen niet kritisch zijn over suggesties van anderen hoewel ze weten waarom die nooit gaan werken vanuit hun specifieke expertise.
  • Learn to follow your path of MOST resistance: vrijbreken van je bestaande overtuigingen, aannames, onbewuste vaste structuren in denken, interpreteren en handelen is pijnlijk en oncomfortabel.Toch liggen echt nieuwe ideeen voorbij dat discomfort.
  • Innovate INSIDE the box: gebruik wat je al hebt en innoveer daarbinnen, direct een goede constraint.

Hij waarschuwt ook voor ‘fixedness’, zowel functioneel, structureel als relationeel. Die fixedness helpt ons in het dagelijks leven, we weten waar dingen voor bedoeld zijn, als we ons dat voortdurend moeten afvragen wordt het een uiterst vermoeiende dag. We weten welke kledingstukken waarvoor bedoeld zijn, hoe deuren (meestal) opengaan, waar apparaten toe dienen etc. etc. Dat loslaten of nieuwe originele inzichten te krijgen is lastig maar noodzakelijk. Kijk naar zaken als algemenere ‘resources’ en zie hun bredere potentie.

Een voorbeeld van structural fixedness: iedereen herkent een kastje met knoppen aan de onderkant als een TV, knoppen aan de bovenkant maken het kastje een magnetron of wasmachine, hoe komt dat? De noodzaak om de knoppen onderaan te plaatsen omdat de buizen in de TV die zo warm maken dat de mechaniek van de knoppen bovenop zou smelten is 40 jaar terug al weggevallen met de introductie van de transistor.
Het loskoppelen van het frontje van de autoradio is een goed voorbeeld van het doorbreken van structural fixedness. Of de Ipod shuffle, waarbij het onmogelijk leek een goedkoper model te ontwikkelen en Apple op het idee kwam het scherm simpelweg helemaal weg te laten. Niks muziek kiezen, gewoon afspelen in willekeurige volgorde. Doorbreken van fixedness in meerdere opzichten.

Wanklank
De enige wanklank bij de CCC 2009 was het slechte voorzitterschap, alles liep uit, zelfs de koffiepauzes en lunch ;-) Dit gaf eenieder, met name de sprekers, een gehaast gevoel en leidde tot ruim een uur uitloop en het schrappen van diverse interessante onderdelen waaronder een discussie met Sir Ken. Jammer, maar door de kwaliteit van de sprekers bleef de dag goed overeind. En het is goed om een concreet verbeterpunt te hebben voor een volgende keer nietwaar?

Mike (Mei/2009)

post

Serious Games? Spelend Leren! @NIOC 2009

Ik mocht de afsluitende keynote verzorgen op het NIOC congres op 8 april 2009.
Het verzoek van de organisatie was om een verhaal te houden over ‘Serious Games’.
Ik heb dat een beetje vrij ;-) geïnterpreteerd en kwam uit op het volgende verhaal (met dank aan frans, jetse en bas voor hun feedback!).


Voor welke wereld leiden wij jongeren op? Wat zijn de 21st century skills die ze nodig hebben, nu startend in groep 1 en in 2030 zoekend naar de eerste baan… Die baan zal naar alle waarschijnlijkheid veel flexibiliteit van hen vragen, alsook intensieve (wereldwijde) samenwerking met andere kenniswerkers. Als individu zul je steeds meer verantwoordelijkheid kunnen en moeten nemen. Thomas Friedman beschrijft dit (heel…) uitgebreid in zijn moderne geschiedenisboek “The World is Flat”. En Sir Ken Robinson heb ik wellicht al eens genoemd in dit verband B)

En wat is hun wereld nu? Ze maken achteloos gebruik van technologie, maar doorzien ze de consequenties? Sociale netwerken mogen zich verheugen in grote belangstelling, TV verliest snel terrein ten opzichte van tijd doorgebracht op Internet. Wat moet je daarmee in het onderwijs?

“We think with the objects we love, we love the objects we think with” – Sherry Turkle
Sherry turkle Terughoudendheid en enige scepsis jegens de huidige trends op Internet zijn begrijpelijk. Maar onderzoek van o.a. MIT professor Sherry Turkle (social studies of science and technology) wijst uit dat aansluiting op de leefwereld van jongeren belangrijk is. Ze verwoord dit prachtig: We think with the objects we love, we love the objects we think with.”

De wereld waarin jongeren nu leven bevat allerlei ‘Allways On’ communicatie middelen, inclusief online multi-player games waarin ze een zelfgekozen identiteit kunnen aannemen. Hiermee geven ze hun sociale leven mede vorm, ze denken en leren in die Allways On wereld. Nu moeten ze dat allemaal uitzetten en opbergen bij aankomst op school… Vervolgens vragen we onszelf af waarom de motivatie van leerlingen op school tanende is?! Iets zegt mij dat het blokkeren van hyves, youtube en myspace, het verbieden van mobiele telefoons, etc. geen houdbare strategie is. Niet als je jongeren betrokken wilt houden, aangehaakt bij hun onderwijs.

Wat heeft dit met Games te maken?

Bij nadere beschouwing blijken games terugkerende elementen te hebben die nauw aansluiten bij de leerdoelen voor de werkende mens in de toekomst. Deze moderne werker functioneert in wereldwijde, flexibele, losse samenwerkingsverbanden met veel eigen verantwoordelijkheid, creativiteit en initiatief.
Ik ben er, mede daarom, van overtuigd dat spelend leren de toekomst heeft. Enkele argumenten:

  • Games bevatten enkele gemeenschappelijke motiverende elementen:
    (Leren) samenwerken in (virtuele) teams, gezamenlijk werken aan concrete doelen, waarmee erkenning voor het behalen van resultaten en (de ontwikkeling van) vaardigheden kunnen worden verkregen.
  • Directe beloning danwel sanctie bij het leveren van prestaties of het begaan van een vergissing (i.e. in games brengen goede prestaties je naar het volgende ‘level’, slechte zetten je terug om het ‘level’ opnieuw te spelen tot je het wel beheerst).
  • Oefenen/trainen van het oplossen van complexe problemen/puzzels in stressvolle situaties (n.b. je zult maar een reuzentrol en/of vuurspuwende draak achter je aan hebben terwijl je de sleutelcode van de enige ontsnappingspoort probeert te achterhalen!).
  • En in het voorbijgaan doe je zeer relevante (werk)ervaring op in het onder druk samenwerken in teams…

Goede Match
Deze ‘skills’ passen opmerkelijk goed bij de eisen die de nieuwe (platte) wereld stelt gebruikmakend van de instrumenten waarmee jongeren in hun eigen wereld leven en functioneren! Ligt dit allemaal niet veel genuanceerder? Vast wel. Maar de geschiedenis leert ons dat we effecten op korte termijn altijd overschatten en op lange termijn altijd onderschatten.

De impact van de nieuwe (social) media op de wereld is groot en onderwijs kan/mag/zal zich daar niet aan onttrekken.

Mike (April/2009)

N.B.: Gebruikte bronnen in ‘Serious Games’ naast reeds genoemde:

post

Hey Maestro!

Op 1 april 2007, precies 2 jaar geleden, overleed Wim Verdonck. Een dierbare vriend, coach en voormalig collega en baas bij ICT adviesbureau VKA, zijn eigenhandig opgebouwde bedrijf. Een bijzonder mens, gedreven, briljant en bevlogen, maar ook bot, hard en een echte eikel af en toe! En een zeer toegewijde vriend als je die klik met hem had. Ik mis hem nog bijna elke dag, gek eigenlijk want we zagen elkaar maar een paar keer per jaar. En ook typisch Wim, zoveel impact had hij met zijn scherpe intuitie en bereidheid je ongezouten te confronteren met wat je zelf eigenlijk ook wel wist. Ga dat dan doen lul! riep ie dan grijnzend.

De-innovatieve-ondernemer
Een goede gelegenheid om Wim nog eens te herdenken bood de bijeenkomst van de ICT sociëteit in Zoetermeer op 30 maart jl. Als oud-oprichter van het ICT platform Zoetermeer, nu Stichting Kenniseconomie en Innovatie Zoetermeer, wordt het boek 'De Innovatieve ondernemer' aan Wim opgedragen. De familie neemt het eerste exemplaar in ontvangst. Passend deze geste, want Wim was de buitenboordmotor van ondernemerschap en innovatie in Zoetermeer, en het werd gedaan gedaan met liefde en oprechte waardering. Fijn om mee te maken.

Passend ook omdat Wim ondernemerschap belichaamde. De eerste les die hij me leerde en die me tot op de dag van vandaag vrijwel elke dag helpt is het fundament van ondernemerschap: "Als je een idee hebt of een kans ziet, grijp die dan direct, ga ervoor, meteen handelen! Of besluit bewust niet te handelen en zet het dan ook uit je hoofd". Geen halfslachtig gedoe of geweifel! Ik heb geen bedrijven maar probeer me wel elke dag ondernemend op te stellen, dat is zeker in deze economische tijden hard nodig en het is ook hardstikke leuk elke dag weer!

Alleen daarvoor ben ik Wim al zeer dankbaar. Ik begroette hem altijd met 'Hey Maestro' dus ik zeg het nog maar eens hardop: Dag Maestro, het was een eer en een genoegen je te kennen. Dank voor je vriendschap en je betrokkenheid. Je wordt gemist.

Mike (1 april 2009)

P.S. Voor mijn goede vrienden, levend en wel. Ik ben klaar met afscheid nemen! Ik zie jullie de komende 10 jaar alleen op feesten, deal?!

post

Flexibel Onderwijs vereist Digitale Identiteit @CvI 2009 #Noordwijkerhout

Op 25 maart jl. mocht ik een presentatie verzorgen tijdens de Managementconferentie 2009 georganiseerd door het Consortium voor Innovatie voor de BVE sector.
Het congres startte met een wat mij betreft zeer geslaagde keynote presentatie van Dr. Sanford C. Shugart, president van het Valencia Community College (65.000 studenten!) in Orlando, Florida.

Dr. Sanford C. Shugart
Zijn performance (een combinatie van verhalen, zang en poezie) was zeer authentiek en maakte daarom grote indruk op me. Zijn pleidooi om de jongeren (postmodernisten) als personen te behandelen i.p.v. klantnummers is me uit het hart gegrepen, zie de CvI weblog voor een uitgebreidere beschrijving.

Brug van postmodernisme naar aandacht voor de mens achter de gebruiker

Ik heb dankbaar vele bruggetjes gemaakt van zijn verhaal naar mijn presentatie over digitale identiteit van/voor leerling en docent. Er wordt veel te weinig rekening gehouden met de mens achter de gebruiker bij het inrichten van systemen en de toegangsprocedures die daarbij horen. Mensen begrijpen de systemen niet, maken fouten die hen vervolgens worden verweten en de systemen worden nog strenger beveiligd zodat die onzorgvuldige gebruiker geen risico vormt. Ja dat gaat werken… NOT!

Digitale Identiteit voor Modern Onderwijs
Ik betoog in mijn presentatie dat modern onderwijs de inrichting van een digitale identiteit vereist voor zowel de leerling als de docent. We praten al enige tijd over onderwijs op maat, competentie gericht, flexibel inspelend op behoeften en mogelijkheden van de leerling. Met digitale leeromgevingen als vanzelfsprekend onderdeel van dat toekomstbeeld.


Ok, maar wie is die leerling? Wat wil zij? Waar is ze goed in? Wat boeit haar? Wat doet ze buiten school? Kortom, wat is haar identiteit? Zonder dat kan op maat onderwijs niet worden geboden.
Wie heeft die kennis? DE docent? We zien steeds meer taken met verschillende profielen in ons nieuwe onderwijs: coach, begeleider, docent, etc. Daarnaast vormen digitale omgevingen een structureel onderdeel van nieuw onderwijs, de mensen in het onderwijs ontlastend.
Kortom, de (digitale) identiteit van de leerling moeten kunnen worden geraadpleegd, gedeeld en aangevuld door betrokkenen en systemen. Natuurlijk zijn leerling en ouders daarbij nauw betrokken!

Zo’n vaart zal het toch wel niet lopen?
Hoor ik u denken: is dit wel nodig?
Maar we kunnen toch niet anders? Hoe kunnen we een leerling engageren met onderwijs op maat als we ons niet werkelijk richten op diens identiteit? En haar daar niet actief bij betrekken? Anders kunnen we beter en goedkoper(!) voorgekookte vakkenpakketten en studierichtingen blijven aanbieden.

Ik ben ervan overtuigd dat het inrichten van een Digitale Identiteit voor elke leerling noodzakelijk is om modern onderwijs mogelijk te maken. Daarbij is die leerling zelf hard nodig. Wil ze niet? Vergeet dan op maat onderwijs, kies een standaard pakket en ga lekker in de klas zitten. Prima, niets mis mee!
Maar als die standaard knelt en wringt, niet goed past. Dan willen leerling en docent, ouders en school in gesprek over het onderwijs. Voor die unieke leerling en diens uitdagingen en mogelijkheden onderwijs samenstellen dat goed past, en daarmee leuk is, en uitdagend! En dat is, kijkend naar de situatie rond ons huidige onderwijs, zeer welkom volgens mij.

Wat moet ik doen om dit op mijn instelling in te richten?
De oplossing voor dit vraagstuk is geen pakketselectie of een projectinspanning. Om te komen tot een structurele voorziening m.b.t. identiteit is beleid nodig dat een kader biedt aan elk initatief binnen de instelling dat raakt aan de identiteit van de leerling of docent. Stap voor stap kan zo gewerkt worden aan een schoolomgeving die als vanzelfsprekend respectvol en slim omgaat met wat ze al weet van haar mensen en leerlingen. De belangrijkste aandachtspunten en het startpunt voor dat beleid heb ik toegelicht in mijn presentatie. Veel succes!

Mike (maart/2009)

P.S. Voor een nadere toelichting op mijn presentatie zie de notes in de powerpoint file. Al mijn presentaties bij slideshare (click op de titel) kun je downloaden om beelden of teksten opnieuw te gebruiken.

It's right to be wrong